Supersnelle quilt met je favoriete fat quarter bundel.

Supersnelle quilt met je favoriete fat quarter bundel.

Met je favoriete fat quarter bundel en het patroon Fat Quarter Shuffle maak je supersnel een quilttop, en hij wordt altijd leuk!

---

Ook al heb ik een winkel vol stoffen, ik kan nog steeds intens gelukkig worden van een fat quarter bundel met een hele collectie.

Al die heerlijke stoffen die zo mooi bij elkaar passen... en de hele tijd naar me staan te lonken om er iets mee te gaan maken... 

Ik combineer heel graag stoffen uit verschillende collecties met elkaar, maar zo'n mooie stapel stoffen, met een lint er omheen, waarop een designer ontzettend zijn of haar best gedaan heeft om de kleuren en prints te kiezen; daar moet ik altijd even overheen aaien ;) En ik ben niet de enige, want ik zie het regelmatig gebeuren in de winkel... :)

En soms ben je dan helemaal verliefd op een bundel al heb je geen idee wat je er mee zou willen of kunnen maken. Gelukkig zijn er ontzettend veel patronen, ook voor fat quarters en kun je overal inspiratie opdoen. 


Toen we de linnen met katoen collectie Around the Bend van Anna Graham van Noodlehead binnenkregen, dacht ik als eerste aan tassen of stoere kussens, maar eerlijk gezegd niet direct aan een quilt. Tot ik op de blog van Noodlehead de Fat Quarter Shuffle tegen kwam. Die moest ik gewoon maken!

De Fat Quarter Shuffle van Cluck Cluck Sew is een snel en makkelijk patroon voor fat quarters. Je kunt natuurlijk allerlei fat quarters daarvoor gebruiken, maar zo'n mooie bundel is echt perfect hiervoor. Het patroon geeft instructies voor 5 verschillende formaten quilts, van Crib tot King Size, de kleinste, babyquilt, maak je al met 10 fat quarters.

Ik besluit om de Throw Size te maken; ik zie hem al helemaal liggen op onze donkerbruine bank ;). Daarvoor heb ik 16 fat quarters nodig en dat is nog moeilijk kiezen uit al dat moois.
(daarom hebben we een pakket samengesteld met onze keuze voor deze quilt, je vindt hem hier in de webshop)


Het snijden gaat heel erg snel en ik heb bijna geen restjes over! Je gebruikt bijna de hele fat quarter. 


Bij het sorteren van de stroken moeten er weer keuzes gemaakt worden, welke stoffen er samen in een blok komen. Je kunt er natuurlijk voor kiezen om de stoffen lukraak te pakken, ook dan wordt je quilt leuk. Ik maak liever eerst stapeltjes van de stoffen die bij elkaar moeten komen, want ik ben altijd bang dat ik uiteindelijk allemaal dezelfde stroken over zal houden en dat mijn tornmesje er aan te pas moet komen ;)

Er zijn verschillende breedtes stroken en twee verschillende strokencombinaties waar later de blokken uit gesneden worden. De afbeeldingen in het patronenboekje zijn erg duidelijk.


Eerst worden de stroken aan elkaar genaaid, steeds 4 of 5, Blok A en B.
Mijn favoriete garen om te patchen is Aurifil Mako 50, vooral omdat het zo lekker dun is. Toch besluit ik om voor dit project het iets dikkere Mettler Silk Finish Cotton 50 te gebruiken, juist omdat het iets dikker is en beter past bij de wat stevigere linnen stoffen.

De stroken zijn allemaal gesneden uit de breedte van de stof, dus het is opletten bij het aan elkaar naaien. Omdat er dan wat meer rek in de stof zit dan dat de stroken uit de lengte van de stof gesneden zouden zijn, heb je meer kans om golvende naden te krijgen als je aan de stof gaat trekken.

Ook met het strijken van de naden moet ik opletten dat ik de stof niet uitrek door het strijken of te trekken tijdens het strijken. Dus ik open de naden eerst met mijn vingers en zet de strijkbout neer, pak hem weer op en zet hem iets verder neer, in plaats van hem voor me uit te duwen.

Ik besluit om de naden open te strijken, om dikke naden te voorkomen die straks in de weg gaan zitten tijdens het quilten. De stof is wat dikker en steviger dan normaal quiltkatoen, dus de naden worden ook wat dikker. Als je een wollen strijkmat gebruikt, voorkom je het doorpersen van de naden en geeft de wol de warmte terug, waardoor je naden mooi strak worden. Door het kleine Prym strijkboutje te gebruiken, heb ik er geen last van dat ik per ongeluk een andere naad meestrijk.


Als alle 16 strokende genaaid zijn, snij ik daar de blokken uit en kan het puzzelen beginnen.


Bij het snijden van de blokken is het belangrijk dat je deze precies haaks op de stroken snijdt. De lijnen (of puntjes) op je liniaal zijn daarbij een goed hulpmiddel. Zorg dat er zoveel mogelijk naden precies haaks op de zijkant liggen, dan krijg je het mooiste resultaat.


Het patronenboekje geeft 2 lay-outs. Voor lay-out A heb je 30 blokken nodig en voor lay-out B maar 28 van de 32. Ik kies voor lay-out A, dus ik kan nog wat schuiven omdat ik 2 blokken over heb.

De grote blokken zijn snel aan elkaar te naaien tot stroken en omdat er bijna geen naden zijn die elkaar kruisen, zitten de stroken ook in een mum van tijd aan elkaar. De top is klaar en ik ben superblij met het resultaat! 



Nu nog op zoek naar een mooie backing, ik denk dat ik daarvoor een dunne katoen neem, om de quilt niet al te zwaar te laten worden. Het linnen wordt door het gebruik vanzelf lekker soepel en zacht, maar blijft wat zwaarder. Voor de tussenvulling ga ik zeker de Tuscany 100% wol gebruiken, die is heerlijk licht en fluffy en dan wordt het een heerlijk warme quilt voor de winter en koel voor de zomer.


En dit Fat Quarter Shuffle patroon komt echt op mijn favorietenlijstje! Dits is zeker niet de laatste quilt die ik er mee gemaakt heb...

Ik ben benieuwd met welke fat quarter bundel jij dit patroon gaat maken!


Happy Quilting!
Rianne

Reacties

Wees de eerste om te reageren...

Laat een reactie achter
* Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.